Omzetting van een afgeschafte vennootschapsvorm: wanneer en met of zonder toepassing van de omzettingsprocedure?

Het WVV voorziet in een vereenvoudiging van het aantal rechtsvormen en schaft heel wat bestaande vennootschapsvormen af. In de categorie van de vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid verdwijnen de tijdelijke handelsvennootschap en de stille handelsvennootschap. Hetzelfde resultaat kan immers worden bereikt met de maatschap: een tijdelijke maatschap opgericht voor bepaalde duur of een welbepaald project, of een stille maatschap waarvan de bestuurder handelt in eigen naam. In de categorie van de vennootschappen met onvolkomen rechtspersoonlijkheid verdwijnt de coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid (CVOA) en het economisch samenwerkingsverband (ESV) aangezien deze zeer gelijkend zijn op de vennootschap onder firma (VOF). Ook de landbouwvennootschap (LV) bestaat niet langer onder het WVV. Deze herleeft wel als een bijzondere erkenning waardoor de eigenheden van de landbouwvennootschap (op het vlak van pachtwet en fiscaliteit) alsnog kunnen worden bekomen door een vennootschap onder firma (VOF), gewone commanditaire vennootschap (CommV), besloten vennootschap (BV) en coöperatieve vennootschap (CV). De commanditaire vennootschap op aandelen (CommVA) verdwijnt als volkomen rechtspersoon, maar de

Lees meer »

Tegenwerpelijkheid van statutaire of conventionele overdrachtsbeperkingen

  Een aandeelhouder verkoopt zijn aandelen aan een derde, zonder eerst de mogelijkheid te hebben geboden aan de overige aandeelhouders om deze aandelen bij voorrang te verwerven conform het voorkooprecht opgenomen in de statuten. Is de overdracht aan de derde niettemin geldig? Of kan de overdrachtsbeperking worden tegengeworpen aan de derde-koper? Het WVV bepaalt dat overdrachtsbeperkingen (zoals voorkooprechten, standstill-bepalingen, volgrechten, goedkeuringsclausules, etc.) opgenomen in de statuten steeds tegenwerpelijk zijn aan derden. Het WVV bevestigt hiermee het meerderheidsstandpunt van rechtspraak en rechtsleer. Statutaire overdrachtsbeperkingen zijn tegenwerpelijk zelfs aan derden te goeder trouw (die geen kennis hadden van de overdrachtsbeperking) en zelfs wanneer de overdrachtsbeperking niet werd opgenomen in het aandelenregister (ondanks de verplichting daartoe – zie blog “Verplichte opname van overdrachtsbeperkingen in het aandelenregister”). De derde die aandelen heeft verworven in strijd met een statutaire overdrachtsbeperking hoeft dus door de vennootschap en de andere aandeelhouders niet als nieuwe aandeelhouder te worden geduld. Wat wanneer de overdrachtsbeperking niet is opgenomen in de

Lees meer »

Verplichte opname van overdrachtsbeperkingen in het aandelenregister

  Het WVV bevat de verplichting om overdrachtsbeperkingen die voortvloeien uit de statuten in te schrijven in het aandelenregister. Deze verplichting rust op het bestuursorgaan van de vennootschap. De bedoeling van deze verplichting is om derden-overnemers maximaal te informeren van bestaande overdrachtsbeperkingen. Aangezien een overdracht van aandelen op naam maar tegenstelbaar is aan de vennootschap en derden na inschrijving in het aandelenregister, valt namelijk te verwachten dat derden-overnemers steeds het aandelenregister zullen raadplegen, uiterlijk bij de inschrijving van hun overdracht. Overdrachtsbeperkingen die niet voortvloeien uit de statuten (maar bv. wel uit een aandeelhoudersovereenkomst ) moeten enkel in het aandelenregister worden ingeschreven wanneer één van de partijen daarom verzoekt. Hoe gebeurt de inschrijving praktisch? O.i. dient niet de ganse clausule van de overdrachtsbeperking te worden overgeschreven in het aandelenregister, maar volstaat een verwijzing naar het type van overdrachtsbeperking, bv. voorkooprecht, volgrecht, etc. Het al dan niet nakomen van de verplichting tot inschrijving van de overdrachtsbeperking in het aandelenregister is geen voorwaarde

Lees meer »

Update: bijkomend uitstel voor de verplichte transparantie over de uiteindelijk begunstigde(n)

In onze bijdrage van 21 december 2018 informeerden wij over de nieuwe wettelijke verplichting tot registratie van de uiteindelijke begunstigde(n) van de ondernemingen in het zogenaamde UBO-register. Volgens het betrokken Koninklijk Besluit van 30 juli 2018 moesten de gegevens over de uiteindelijke begunstigde(n) voor elke onderneming voor het eerst worden geregistreerd uiterlijk 30 november 2018. De FOD Financiën heeft, na een eerste uitstel tot 31 maart 2019, ondertussen aangekondigd dat zij de informatieplichtige ondernemingen bijkomend uitstel verleent, met name tot 30 september 2019. Dit blogartikel werd geactualiseerd op 23 september 2019: zie link.  Kim Van Herck en Margaux Van Hove, intui advocaten kim.vanherck@intui.be / margaux.vanhove@intui.be http://www.intui.be

Lees meer »

Verplichte transparantie over de uiteindelijk begunstigde(n) van de onderneming

De nieuwe wettelijk verplichte transparantie over de uiteindelijk begunstigden van een onderneming vormt in de M&A-praktijk een belangrijk bijkomend actiepunt na realisatie van een overname (“post-closing to do”). Wat? De in België opgerichte vennootschappen, de (i)vzw’s, stichtingen, trusts en juridische entiteiten die vergelijkbaar zijn met fiducieën of trusts, zijn gehouden tot de volgende nieuwe verplichtingen, op grond van de “Wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten”: De Wet voegt in het Wetboek van Vennootschappen (artikel 14/1 en 14/2) en in de V&S-Wet[1] (artikel 58/11 en 58/12) de verplichting toe om toereikende, accurate en actuele informatie in te winnen en bij te houden, over wie de zogenaamde “uiteindelijke begunstigden” van de onderneming zijn. De Wet voorziet daarnaast in de oprichting van een centraal register van uiteindelijke begunstigden (UBO-register). De genoemde ondernemingen moeten in dit UBO-register informatie registreren over hun uiteindelijke begunstigden, en moeten

Lees meer »

Met het nieuwe WVV komt een nieuw bestuursmodel voor de NV

Het ontwerp van het nieuwe wetboek van vennootschappen en verenigingen (wvv) bevat een nieuw bestuursmodel voor naamloze vennootschappen (“NV’s”). Naast het monistisch bestuursmodel dat we vandaag kennen, zal men statutair ook kunnen kiezen voor een enige bestuurder of een duaal bestuursmodel met een directieraad en een raad van toezicht. Het nieuwe WVV verruimt ook de mogelijkheden tot aanstelling van en de bevoegdheden van de dagelijks bestuurder. Monistisch bestuur – afzwakking van de ad nutum herroepbaarheid Onder het monistisch bestuursmodel, wordt de NV bestuurd door het klassieke college van minstens 3 bestuurders (verlaagd naar 2 indien er minder dan 3 aandeelhouders zijn). Voor deze bestuurders blijft in beginsel de regel gelden dat zij steeds ad nutum (onmiddellijk) kunnen worden ontslagen door de algemene vergadering, maar dit principe zal niet langer van openbare orde zijn. De algemene vergadering zal onder het nieuwe WVV een opzegtermijn of vertrekvergoeding kunnen toekennen. De statuten kunnen op twee manieren afwijken van deze algemene regel: De statuten

Lees meer »

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief

* indicates required
Privacy

Intuit Mailchimp